
Heeft uw dak 8 of 10 centimeter isolatie? Dan weet u nog niet of het goed geïsoleerd is. Tien centimeter PIR isoleert bijvoorbeeld heel anders dan tien centimeter glaswol. Gaat u daardoor uit van de verkeerde isolatiewaarde, dan loopt u mogelijk subsidie mis of isoleert u het dak straks voor de tweede keer. Bovendien is de minimale isolatiewaarde voor subsidie niet hetzelfde als de aanbevolen waarde voor goede dakisolatie.
Hoe weet u dan of uw dak voldoende geïsoleerd is? In dit artikel helpen we u dat bepalen: wat heeft u nu, welke isolatiewaarde wilt u bereiken en hoeveel isolatie heeft u daarvoor nodig?
Voor een bestaand dak kunt u een Rd-waarde van 3,8 m²K/W of hoger aanhouden als richtlijn voor goede dakisolatie. Wilt u subsidie aanvragen of heeft u te maken met wettelijke bouweisen? Dan gelden andere uitgangspunten.
Dit zijn de belangrijkste waarden om uit elkaar te houden:
| Situatie | Isolatiewaarde | Betekenis |
| Subsidie voor dakisolatie | Rd ≥ 3,5 | Minimale waarde van het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal |
| Goede dakisolatie | Rd ≥ 3,8 | Aanbevolen niveau voor een bestaand dak |
| Zeer goede dakisolatie | Rd 6 tot 10 | Hoog isolatieniveau |
| Wettelijke bouweisen | Rc-waarde | Heeft betrekking op de complete dakconstructie |
Kort gezegd: Rd 3,5 is het subsidieminimum, Rd 3,8 is goede isolatie voor een bestaand dak, en bij wettelijke bouweisen telt de Rc-waarde van de hele dakconstructie. Hieronder leest u per situatie wat dat voor uw dak betekent.
Om te bepalen of uw dakisolatie verbeterd moet worden, heeft u twee gegevens nodig:
1. Welk isolatiemateriaal is aanwezig?
Bijvoorbeeld glaswol, steenwol, PIR, PUR, EPS of een ander isolatiemateriaal.
2. Hoe dik is de isolatielaag?
Meet indien mogelijk de dikte van het materiaal in centimeters.
Weet u niet wat er in uw dak zit? Soms kunt u de isolatie bekijken bij een knieschot, dakraam of andere opening in de dakconstructie. Ook oude facturen, bouwtekeningen of documentatie van eerdere werkzaamheden kunnen informatie geven over het gebruikte materiaal. Alleen het aantal centimeters zegt namelijk niet genoeg. Verschillende isolatiematerialen hebben verschillende isolerende eigenschappen. Een relatief dunne laag PIR kan daardoor dezelfde isolatiewaarde bereiken als een dikkere laag glaswol.
Weet u welk isolatiemateriaal aanwezig is en ongeveer hoe dik het is? Met onze dakisolatie-check kunt u een indicatie krijgen van uw huidige isolatiewaarde en zien hoeveel isolatie nodig is om deze te verbeteren.
Bij dakisolatie komt u drie termen regelmatig tegen. Het verschil is eenvoudiger dan het misschien klinkt.
De Rd-waarde geeft de warmteweerstand van een materiaallaag aan. Bij dakisolatie gaat het meestal om de isolatielaag. **Hoe hoger de Rd-waarde, hoe beter.**
De Rc-waarde gaat niet alleen over het isolatiemateriaal, maar over de warmteweerstand van de complete constructie. Bij een dak worden dus meerdere onderdelen van de dakopbouw meegenomen.
De lambda-waarde geeft aan hoe goed een materiaal warmte geleidt. Hierbij geldt juist: hoe lager, hoe beter het materiaal isoleert. De Rd-waarde kunt u berekenen door de dikte van het materiaal in meters te delen door de lambda-waarde: Rd = dikte in meters ÷ lambda-waarde. Bijvoorbeeld: een isolatielaag van 9 centimeter (0,09 meter) met een lambda-waarde van 0,023 geeft een Rd-waarde van ongeveer 3,9 m²K/W (0,09 ÷ 0,023).
Voor het bepalen van de benodigde hoeveelheid isolatiemateriaal is vooral de Rd-waarde praktisch. Daarom gebruiken we deze waarde als belangrijkste uitgangspunt in dit artikel en in de rekentool.

Welke waarde u moet aanhouden, hangt vooral af van uw doel. Voor goede isolatie, subsidie en wettelijke bouweisen gelden namelijk verschillende uitgangspunten.
Zoals eerder beschreven, kunt u voor een bestaand dak Rd 3,8 of hoger als richtlijn voor goede isolatie aanhouden. Een hogere isolatiewaarde kan interessant zijn wanneer u het dak toch grondig gaat renoveren. Het dak ligt dan immers al open en u wilt voorkomen dat u enkele jaren later opnieuw werkzaamheden moet uitvoeren om de isolatie verder te verbeteren. Hoger is echter niet automatisch in iedere situatie beter. Meer isolatie vraagt om meer materiaal en vaak ook meer ruimte. Wat verstandig is, hangt daarom af van de bestaande dakopbouw en de manier waarop het dak wordt geïsoleerd.
Wilt u gebruikmaken van de ISDE voor dakisolatie? Dan geldt de eerder genoemde minimale Rd-waarde van 3,5 m²K/W voor het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal. Een belangrijk detail dat vaak voor verwarring zorgt: bestaande isolatie mag niet worden opgeteld om aan deze minimale eis te voldoen.
Stel dat uw dak al isolatie met Rd 1,5 heeft en u brengt een extra laag met Rd 2,0 aan. Samen is dat rekenkundig 3,5, maar de nieuw aangebrachte isolatie voldoet daarmee niet aan de minimale Rd-waarde van 3,5 die voor de subsidie wordt gevraagd. Naast de isolatiewaarde gelden aanvullende subsidievoorwaarden. Controleer daarom altijd de actuele voorwaarden voordat u de werkzaamheden laat uitvoeren.
Bij wettelijke bouweisen wordt gekeken naar de isolerende werking van de complete dakconstructie. Daarom speelt hier de Rc-waarde een belangrijke rol. Welke eis precies geldt, hangt af van de situatie. Voor nieuwbouw kunnen andere eisen gelden dan voor het verbouwen of na-isoleren van een bestaande woning. Een Rd-waarde op de verpakking van isolatiemateriaal kunt u daarom niet één op één vergelijken met een wettelijke Rc-eis voor een dak.
Voor een bestaande woning die u beter wilt isoleren, is Rd 3,8 een bruikbaar praktisch uitgangspunt. Heeft u te maken met een verbouwing of nieuwe dakconstructie waarbij wettelijke eisen gelden? Dan moet de complete dakopbouw worden beoordeeld.
De gewenste Rd-waarde bepaalt nog niet hoeveel centimeter isolatiemateriaal u nodig heeft. Dat hangt af van de isolerende eigenschappen van het materiaal. Voor een Rd-waarde van ongeveer 3,8 kunt u indicatief denken aan:
| Isolatiemateriaal | Indicatieve dikte voor Rd 3,8 |
| Resol-hardschuimplaten | circa 8 cm |
| PIR/PUR-hardschuimplaten | circa 9 cm |
| Glaswol of steenwol | circa 14 cm |
| EPS | circa 14 cm |
| XPS | circa 14 cm |
| Houtvezel, cellulose, vlas of gerecycled katoen | circa 15 cm |
De exacte benodigde dikte verschilt per product. Controleer daarom altijd de Rd- en lambda-waarde die de fabrikant voor het specifieke isolatiemateriaal opgeeft.
De tabel laat vooral iets anders belangrijks zien: 10 centimeter dakisolatie zegt op zichzelf weinig. Met het ene materiaal kan dat een goede isolatiewaarde opleveren, terwijl voor een ander materiaal een dikkere laag nodig is. Dat speelt vooral een rol wanneer de beschikbare ruimte beperkt is. Heeft u bijvoorbeeld maar 10 centimeter ruimte tussen of onder de dakconstructie, dan zijn niet alle materialen even geschikt om dezelfde isolatiewaarde te bereiken.
Blijkt uit de berekening dat uw bestaande isolatie onvoldoende is? Dan betekent dat niet automatisch dat alles eruit moet. Is het bestaande isolatiemateriaal droog, intact en correct aangebracht, dan kan het in sommige situaties mogelijk zijn om de isolatie aan te vullen. Is de isolatie vochtig, beschadigd, verzakt of verkeerd aangebracht, dan kan vervangen verstandiger zijn.
Daarbij is niet alleen de isolatiewaarde belangrijk. Door extra isolatie toe te voegen, verandert ook het warmte- en vochtgedrag van de dakconstructie. De positie van bijvoorbeeld dampremmende lagen en de bestaande dakopbouw moet daarom worden meegenomen. Een hogere Rd-waarde op papier betekent weinig wanneer de dakconstructie vervolgens bouwfysisch niet klopt. Heeft u een schuin dak? Bij een schuin dak isoleren komen ook isoleren vanaf de binnen- of buitenzijde, ventilatie, folie en veelgemaakte fouten aan bod.
Met de isolatiewaarde en de rekentool kunt u een goede eerste inschatting maken. U weet bijvoorbeeld dat uw huidige isolatie beperkt is, welke Rd-waarde u wilt bereiken en hoeveel centimeter isolatiemateriaal daarvoor ongeveer nodig is. Maar daarmee blijft één belangrijke vraag over: Kan die isolatie ook op de juiste manier in uw bestaande dakconstructie worden aangebracht?
Dat hangt onder andere af van de staat en opbouw van het dak, de beschikbare ruimte en de manier waarop het dak wordt gerenoveerd of geïsoleerd. DV Specialist werkt aan zowel platte als schuine daken en kan bij dakwerkzaamheden en dakrenovaties ook de isolatie meenemen. Zo wordt niet alleen gekeken naar een theoretische isolatiewaarde, maar naar een passende oplossing voor het complete dak. Bekijk de mogelijkheden voor dakrenovatie en dakisolatie.